Vooraf gezegd
Negentig teksten uit het Oude Testament die het Nieuwe Testament op Jezus betrekt. Beloften, voorafschaduwingen en woorden die in hem vervuld werden. Bij elke tekst: wat er toen stond, hoe het Nieuwe Testament het vervuld ziet, en een korte uitleg.
Belofte. Een rechtstreekse belofte over een komende redder of koning.
Voorafschaduwing. Een persoon of gebeurtenis die achteraf gezien vooruitwijst, zoals het paaslam.
Vervuld woord. Een tekst die eerst over iets of iemand anders ging, en die het Nieuwe Testament in Jezus vervuld ziet.
A. Wie hij zou zijn: afkomst en titels
- 1De nakomeling van de vrouwGenesis 3:15 → Galaten 4:4 · Belofte
- 2De zegen voor alle volken via AbrahamGenesis 22:18 → Galaten 3:16 · Belofte
- 3De scepter van JudaGenesis 49:10 → Openbaring 5:5 · Belofte
- 4De ster uit JakobNumeri 24:17 → Matteüs 2:2 · Belofte
- 5Een profeet zoals MozesDeuteronomium 18:15 → Handelingen 3:22 · Belofte
- 6De eeuwige troon van David2 Samuël 7:16 → Lucas 1:32-33 · Belofte
- 7Een twijg uit de stronk van IsaïJesaja 11:1-2 → Romeinen 15:12 · Belofte
- 8De rechtvaardige SpruitJeremia 23:5-6 → Lucas 1:78 · Belofte
- 9Gij zijt mijn ZoonPsalm 2:7 → Marcus 1:11 · Vervuld woord
- 10Mijn Heer aan de rechterhand, priester naar MelchisedekPsalm 110:1 → Matteüs 22:44 · Belofte
- 11Uw troon, o God, is eeuwigPsalm 45:7 → Hebreeën 1:8 · Vervuld woord
- 12De Wijsheid die bij God wasSpreuken 8:22-23 → Johannes 1:1 · Vervuld woord
B. Hoe hij zou komen: geboorte en jeugd
- 13De maagd zal zwanger worden: ImmanuëlJesaja 7:14 → Matteüs 1:23 · Belofte
- 14Een kind is ons geborenJesaja 9:5 → Lucas 2:11 · Belofte
- 15Geboren in BethlehemMicha 5:1 → Matteüs 2:1 · Belofte
- 16Koningen brengen geschenkenPsalm 72:11 → Matteüs 2:11 · Vervuld woord
- 17Rachel weent om haar kinderenJeremia 31:15 → Matteüs 2:17 · Vervuld woord
- 18Uit Egypte geroepenHosea 11:1 → Matteüs 2:15 · Voorafschaduwing
- 19De voorloper: een stem in de woestijnJesaja 40:3 → Matteüs 3:3 · Belofte
- 20De zon van de gerechtigheidMaleachi 4:2 → Lucas 1:79 · Belofte
- 21Hij komt terwijl de tempel nog staatMaleachi 3:1 → Lucas 2:27 · Belofte
C. Wat hij zou doen: zijn optreden
- 22Een licht in GalileaJesaja 9:1 → Matteüs 4:16 · Belofte
- 23De Geest van de Heer is op mijJesaja 61:1 → Lucas 4:21 · Belofte
- 24Blinden zien, doven horen, lammen springenJesaja 35:5-6 → Matteüs 11:5 · Belofte
- 25De dienaar die het geknakte riet niet breektJesaja 42:3 → Matteüs 12:15 · Belofte
- 26Onze ziekten heeft hij gedragenJesaja 53:4 → 1 Petrus 2:24 · Belofte
- 27Spreken in gelijkenissenPsalm 78:2 → Matteüs 13:34 · Vervuld woord
- 28Horen maar niet begrijpenJesaja 6:9 → Johannes 12:37 · Vervuld woord
- 29IJver voor uw huisPsalm 69:10 → Johannes 2:17 · Vervuld woord
- 30Een huis van gebed, geen roversholJesaja 56:7 → Matteüs 21:13 · Vervuld woord
- 31De koning op een ezelZacharia 9:9 → Marcus 11:7 · Belofte
- 32De verworpen steen wordt hoeksteenPsalm 118:22 → Handelingen 4:11 · Vervuld woord
- 33De steen die zonder mensenhanden losraaktDaniël 2:34 → Lucas 20:18 · Belofte
- 34Lof uit de mond van kinderenPsalm 8:3 → Matteüs 21:16 · Vervuld woord
D. Wat hij zou lijden: verraad, proces en kruis
- 35Verraden door een vriendPsalm 41:10 → Johannes 13:18 · Vervuld woord
- 36Dertig zilverstukkenZacharia 11:12 → Matteüs 26:15 · Belofte
- 37Een ander neme zijn ambtPsalm 109:8 → Handelingen 1:26 · Vervuld woord
- 38Sla de herderZacharia 13:7 → Matteüs 26:56 · Belofte
- 39Geslagen en bespuwd, en hij zweegJesaja 50:6 → Matteüs 26:67 · Belofte
- 40De lijdende knechtJesaja 53:5 → Handelingen 8:35 · Belofte
- 41Mijn God, waarom hebt u mij verlaten?Psalm 22:2 → Marcus 15:34 · Vervuld woord
- 42Azijn tegen de dorstPsalm 69:22 → Johannes 19:29 · Vervuld woord
- 43Zonder reden gehaatPsalm 69:5 → Johannes 15:25 · Vervuld woord
- 44In uw handen beveel ik mijn geestPsalm 31:6 → Lucas 23:46 · Vervuld woord
- 45Geen been gebrokenExodus 12:46 → Johannes 19:36 · Voorafschaduwing
- 46Vervloekt wie aan het hout hangtDeuteronomium 21:23 → Galaten 3:13 · Vervuld woord
- 47Zij zullen zien wie zij doorstoken hebbenZacharia 12:10 → Johannes 19:37 · Belofte
- 48De zeventig weken van DaniëlDaniël 9:26 → Galaten 4:4 · Belofte
E. Voorafschaduwingen van het offer
- 49Abraham en Isaak op de berg MoriaGenesis 22:8 → Romeinen 8:32 · Voorafschaduwing
- 50Het paaslamExodus 12:13 → 1 Korintiërs 5:7 · Voorafschaduwing
- 51De Grote VerzoendagLeviticus 16:30 → Hebreeën 9:12 · Voorafschaduwing
- 52De koperen slangNumeri 21:9 → Johannes 3:14 · Voorafschaduwing
- 53Jona drie dagen in de visJona 1:17 → Matteüs 12:40 · Voorafschaduwing
- 54Offers die God niet wilde, een lichaam dat Hij gafPsalm 40:7-8 → Hebreeën 10:5 · Vervuld woord
F. Wat daarna zou komen: opstanding, hemelvaart, Geest
- 55Niet overgelaten aan het grafPsalm 16:10 → Handelingen 2:31 · Belofte
- 56Op de derde dagHosea 6:2 → 1 Korintiërs 15:4 · Voorafschaduwing
- 57De dood verslondenJesaja 25:8 → 1 Korintiërs 15:54 · Belofte
- 58Opgevaren naar de hoogtePsalm 68:19 → Efeziërs 4:8 · Vervuld woord
- 59Alles onder zijn voetenPsalm 8:7 → Efeziërs 1:22 · Vervuld woord
- 60De Mensenzoon op de wolkenDaniël 7:13 → Marcus 14:62 · Belofte
- 61Zijn voeten op de OlijfbergZacharia 14:4 → Handelingen 1:11 · Belofte
- 62De uitstorting van de GeestJoël 2:28 → Handelingen 2:4 · Belofte
- 63Het nieuwe verbondJeremia 31:31 → Lucas 22:20 · Belofte
- 64De goede herderEzechiël 34:23 → Johannes 10:11 · Belofte
- 65Een licht voor de volkenJesaja 49:6 → Lucas 2:32 · Belofte
- 66De vervallen hut van David hersteldAmos 9:11 → Handelingen 15:14 · Vervuld woord
- 67De Verlosser uit SionJesaja 59:20 → Romeinen 11:26 · Belofte
- 68Wie komt daar uit Edom?Jesaja 63:3 → Openbaring 19:13 · Vervuld woord
- 69Vrede voor wie ver weg en dichtbij zijnJesaja 57:19 → Efeziërs 2:17 · Vervuld woord
- 70Het woord is dichtbijDeuteronomium 30:14 → Romeinen 10:8 · Vervuld woord
- 71Hij die komt, zal komenHabakuk 2:3 → Hebreeën 10:37 · Belofte
G. Teksten over God zelf, toegepast op Jezus
- 72Voor mij zal elke knie zich buigenJesaja 45:23 → Filippenzen 2:10 · Vervuld woord
- 73Wie de naam van de Heer aanroeptJoël 2:32 → Romeinen 10:13 · Vervuld woord
- 74U hebt de aarde gegrondvestPsalm 102:26 → Hebreeën 1:10 · Vervuld woord
- 75Alle engelen van God aanbidden hemPsalm 97:7 → Hebreeën 1:6 · Vervuld woord
- 76Heilig de HeerJesaja 8:13 → 1 Petrus 3:15 · Vervuld woord
- 77De eerste en de laatsteJesaja 44:6 → Openbaring 1:17 · Vervuld woord
- 78Wie roemt, laat hij roemen in de HeerJeremia 9:24 → 1 Korintiërs 1:31 · Vervuld woord
- 79De dag van de HEER wordt de dag van ChristusJoël 2:31 → 1 Tessalonicenzen 5:2 · Vervuld woord
H. Personen en patronen die vooruitwijzen
- 80De eerste en de laatste AdamGenesis 2:7 → 1 Korintiërs 15:45 · Voorafschaduwing
- 81Melchisedek, priester en koningGenesis 14:18 → Hebreeën 6:20 · Voorafschaduwing
- 82De ark van NoachGenesis 7:1 → 1 Petrus 3:20 · Voorafschaduwing
- 83De ladder van JakobGenesis 28:12 → Johannes 1:51 · Voorafschaduwing
- 84Het mannaExodus 16:15 → Johannes 6:35 · Voorafschaduwing
- 85Water uit de rotsExodus 17:6 → 1 Korintiërs 10:4 · Voorafschaduwing
- 86De tabernakel: God woont bij zijn volkExodus 25:8 → Johannes 1:14 · Voorafschaduwing
- 87Jozua: dezelfde naamJozua 1:9 → Matteüs 1:21 · Voorafschaduwing
- 88De eerstgeboreneExodus 13:2 → Lucas 2:23 · Voorafschaduwing
- 89De sleutel van DavidJesaja 22:22 → Openbaring 3:7 · Voorafschaduwing
- 90Man en vrouw: een groot geheimGenesis 2:24 → Efeziërs 5:32 · Voorafschaduwing