Jesus dicit

Vooraf gezegd33 van 90Belofte

De steen die zonder mensenhanden losraakt

Het Oude Testament

Terwijl u keek, raakte er een steen los, zonder dat een mens hem aanraakte. Hij trof het beeld tegen de voeten van ijzer en klei en verbrijzelde ze.

Daniël 2:34

Lees de hele tekst in een moderne AI-vertaling AI
Lees de hele tekst (15 verzen)

In het Nieuwe Testament

'Wie over die steen valt, wordt verbrijzeld. En op wie hij valt, die verplettert hij.'

Lucas 20:18

AI

Lees de hele tekst in een moderne AI-vertaling AI
Lees de hele tekst (3 verzen)

Koning Nebukadnessar droomt van een groot beeld van goud, zilver, brons, ijzer en leem. Een steen raakt los, zonder dat een mens hem aanraakt, verbrijzelt het beeld en wordt een grote berg die de hele aarde vult. Daniël legt uit: God zal een koninkrijk oprichten dat nooit te gronde gaat.

De opeenvolgende metalen staan voor wereldrijken; de steen voor Gods eigen koninkrijk, niet door mensen gemaakt. Jezus verbindt dit beeld met de verworpen hoeksteen: wie over die steen valt, breekt; op wie hij valt, die wordt verpletterd. Het vers bij Matteüs ontbreekt in enkele oude handschriften, maar staat bij Lucas vast. De vroege kerk las de steen als Christus en zijn koninkrijk; in de Joodse uitleg gaat het om het rijk van de Messias.