Wees niet bang voor wie het lichaam kunnen doden maar de ziel niet. Wees liever bang voor hem die zowel ziel als lichaam in de hel kan laten vergaan.
Matteüs 10:28
AI
Lees Matteüs 10 in een moderne AI-vertaling AI
Lees het hele hoofdstuk (Matteüs 10)
Wie je echt moet vrezen
Jezus belooft zijn leerlingen niet dat hun niets zal overkomen. Mensen kunnen hen doden, zegt hij. Maar hun macht heeft een grens. Ze kunnen het lichaam raken, niet de ziel: niet wie je ten diepste bent.
Daarna noemt hij wie je wel moet vrezen: God. Dat klinkt streng, maar de gedachte bevrijdt: niet mensen hebben het laatste woord over je leven, maar God. Vrees voor God is in de Bijbel diep ontzag voor wie hij is. Dat besef zet de angst voor mensen op zijn plaats.
Vraag voor vandaag
Voor wie ben ik bang, en wat zou ontzag voor God daaraan veranderen?
Gebed
Heer, ik ben vaak banger voor wat mensen van mij vinden dan voor wat U van mij vindt. Leer mij U te eren, en geef mij moed. Amen.
Mijn gebed
Met jouw gedachte erin · alleen op dit apparaatEen van de 491 woorden van Jezus op deze site, van de tempel tot Openbaring. Bekijk alle woorden op volgorde →