Jesus dicit

De woorden van Jezus

Reeks

De zeven Ik ben-woorden

In het evangelie van Johannes zegt Jezus zeven keer wie hij is, telkens met een beeld: het brood, het licht, de deur, de goede herder, de opstanding, de weg en de wijnstok. De meeste beelden komen uit het gewone leven van toen: brood op tafel, een lamp in het donker, een schaapskooi, een wijngaard.

Veel lezers horen in dat Ik ben de naam waarmee God zich aan Mozes bekendmaakte (Exodus 3:14). De woorden staan hier in de volgorde waarin ze in het evangelie voorkomen.